CrossOvernieuws
05.02.08
Re-integratie leidt zelden tot werk
Dat blijkt uit een doorlichting van de re-integratiecijfers tussen 2001 en 2005 door het ministerie van Sociale Zaken.
De miljarden die de overheid jaarlijks uitgeeft aan de reïntegratie van werklozen, hebben weinig tot geen effect op het vinden van een baan. In 2004 vond 41 procent na twee jaar werk, maar het merendeel zou die baan zonder hulp óók hebben gevonden. De besparing op uitkeringen weegt niet op tegen de uitgaven aan reïntegratie.
Doorlichting re-integratiecijfers SZW
Dat blijkt uit een doorlichting van de re-integratiecijfers tussen 2001 en 2005 door het ministerie van Sociale Zaken. Meedoen aan een reïntegratietraject (gerichte scholing, werkervaringsplaatsen, resocialisering, taalcursus) heeft volgens het rapport een ‘klein positief effect’ op het vinden van werk. Slechts een paar procent had de baan zonder de reïntegratie-inspanningen niet gevonden.
De uitgaven stegen tussen 2000 en 2002 naar 3 miljard euro. Sindsdien is het budget teruggelopen tot 2,2 miljard euro in 2006. Medio 2007 volgden volgens het CBS 225 duizend mensen een gemeentelijk reïntegratietraject. Vanuit het UWV zaten eind 2006 ruim 99 duizend mensen in een traject.
CDA-minister Donner geeft toe dat ‘het niet goed loopt’, maar wil de cijfers graag nuanceren. ‘Het beeld dat we miljarden weggooien zou de verkeerde conclusie zijn. Deze mensen komen wel dichter bij werk. Niettemin kunnen we best zuiniger met het geld omspringen.’
Verbetering sinds 2005
Volgens Donner is de situatie sinds 2005 al flink verbeterd door de invoering van de nieuwe bijstandswet, de reïntegratiecoaches bij uitkeringsinstantie UWV en de marktwerking in de reïntegratiebranche. ‘De prikkels staan de goede kant op.’ De cijfers dateren bovendien uit een periode van recessie, aldus Donner. ‘De banen zijn er wel. We hebben vacatures, waarvoor we de werklozen gericht kunnen opleiden.’ Reïntegratie blijft volgens de minister een zinvolle manier om de kosten van de vergrijzing op te vangen en de sociale zekerheid betaalbaar te houden.
Door afspraken te maken met de opdrachtgevers – UWV en gemeenten – hopen Donner en staatssecretaris Aboutaleb de reïntegratiepraktijk verder te verbeteren. ‘Het geld moet gerichter worden ingezet’, aldus de minister. Geen schot hagel, zoals nu nog te vaak gebeurt.
Locaties voor Werk en Inkomen
UWV, de Centra voor Werk en Inkomen en de gemeenten moeten daarnaast intensiever gaan samenwerken op nieuwe ‘Locaties voor Werk en Inkomen’ (LWI), een nieuwe naam voor de oude bedrijfsverzamelgebouwen. De eerder aangekondigde loonkostensubsidies en de toekomstige plicht om in de WW na een jaar een baan te accepteren, moeten de rest doen.
De praktijk dat commerciële re-integratiebureaus voor veel overheidsgeld makkelijk grote opdrachten binnenslepen, is volgens Donner voorbij. Gemeenten en UWV geven zelf meer begeleiding en er wordt vaker gewerkt op basis van no cure, no pay.
De Tweede Kamer wil desondanks een parlementaire hoorzitting over de reïntegratiemarkt. Vooral CDA en ChristenUnie vinden het onacceptabel dat het nut van reïntegratie niet kan worden aangetoond. D66-Kamerlid Koser Kaya noemt de reïntegratie nog steeds vooral een verspilling van belastinggeld. ‘D66 wil dat het kabinet kiest voor robuuste sociaal-economische keuzes die echte banen opleveren.’

