CrossOvernieuws

Werkplaatsen: nieuwe werkwijzen voor een sluitende zorgketen

Onder de naam werkplaatsen zijn de afgelopen twee jaar een aantal grote gemeenten begonnen te zoeken naar nieuwe werkwijzen om knelpunten in de stroomlijning van de jeugdzorgketen aan te pakken. Een van de werkplaatsen die als zeer succesvol wordt ervaren, is die van de regio Zuid-Holland Noord.

De werkwijze die wij hebben ontwikkeld, is gericht op multiprobleemgezinnen. Gezinnen bij wie meerdere hulpverleners en instanties betrokken zijn, vertelt Gerda Visser, regiocoördinator van de werkplaats van Zuid-Holland Noord.

Wij willen voorkomen dat gezinsleden het overzicht verliezen en ervoor zorgen dat hulpverleners de problemen in samenhang aanpakken. Om dat te bereiken hebben wij geprobeerd deze methodiek te ontwikkelen, zonder van tevoren na te denken over financieringsstromen en hiërarchische aansturing vanuit alle verschillende kolommen. Zowel de werkvloer als het management van de meeste instellingen waren zeer nauw betrokken bij dit proces.

1 gezin, 1 plan
De werkwijze die daaruit voort is gekomen, is gestoeld op de principes van 1 gezin, 1 plan. Principes die ook worden omarmd in het programma voor Jeugd en Gezin 'Alle kansen voor alle kinderen' (pdf). Als er meerdere hulpverleners bij hetzelfde gezin betrokken zijn, dan werken deze samen als collegas in één team. Een van hen neemt de zorgcoördinatie op zich. Hij of zij zorgt ervoor dat er met het gezin een totaalplan wordt opgesteld. De zorgcoördinator is daarbij het aanspreekpunt voor het gezin én voor de betrokken hulpverleners, en degene die de afspraken bewaakt.

Gezin houdt de lead
De zorgcoördinator is de meest logische keuze voor het gezin, vertelt Visser. Vaak is dat de hulpverlener met wie het gezin al het meeste vertrouwd is. Een van de kernpunten van de aanpak is dan ook dat je als hulpverleners niet over het gezin heen werkt maar mét het gezin, benadrukt Visser. Het gezin houdt zoveel mogelijk zelf de lead. Waar mogelijk bepalen zij wat er gebeurt. Maar dat betekent dat zij zichzelf ook aan de afspraken moeten houden. Er wordt wel wat van hen verwacht.

Gezinsplan
De afspraken worden vastgelegd in het gezinsplan. Een document waarin voor alle partijen, inclusief gezinsleden, staat beschreven wie wat doet en wanneer. Visser: Door heel eenvoudig alle betrokkenen en afspraken op papier te zetten met alle gegevens erbij zorg je voor overzicht. De gezinsleden weten wat de verschillende hulpverleners doen. En ze weten wat ze zelf moeten doen. Eigenlijk is het gezinsplan een soort hulpmiddel dat gewoon op de keukentafel ligt.

Succesfactoren
Bij de werkplaats is een groot aantal partijen betrokken. Het grote voordeel dat Visser ervaart is dat de verschillende partijen veel beter op de hoogte zijn van elkaars kunnen. Dat geeft vertrouwen in elkaar, stelt zij vast. Dankzij het vertrouwen dat een andere partij een deel van het werk voor haar rekening neemt, is het ook mogelijk de focus scherper te leggen op de eigen rol. Andere voordelen liggen in het feit dat hulpverleners elkaar veel sneller en beter weten te vinden. En dat het zeer motiverend werkt als je merkt dat andere hulpverleners vanuit dezelfde waarden en motivatie blijken te werken, voegt Visser eraan toe. De positie van het gezin, die juist bij een interdisciplinaire aanpak weleens werd vergeten, komt ook door de aanpak weer centraal te staan.

Knelpunten
Het grote aantal betrokken partijen is volgens Visser ook een valkuil. Sinds we in 2008 met onze werkplaats zijn begonnen met een aantal kernpartijen, is het aantal betrokkenen fors uitgebreid. Om allerlei redenen, bijvoorbeeld gebrek aan tijd en geld, kunnen sommige organisaties minder betrokken zijn dan ze misschien zouden willen. Soms is het ook makkelijker om terug te vallen op de eigen vertrouwde eigen werkwijze.

Al bij al betekent dit dat onze werkwijze nog niet klaar is, aldus Visser. Het komende jaar zullen we aandacht besteden aan hoe we onze methodiek kunnen borgen. Maar ook hoe we de methodiek kunnen bijstellen als dat nodig is.

Achtergrondinformatie over de werkplaatsen
Op 1 januari 2005 is de Wet op de Jeugdzorg van kracht geworden. In de praktijk houdt dit in dat provincie, gemeenten, BJZ en instellingen die werkzaam zijn op het gebied van jeugdzorg, moeten samenwerken om zo een sluitende keten te krijgen met voldoende aanbod. Een aantal G27-gemeenten kwam begin 2009 met voorstellen om op lokaal niveau nieuwe vormen van samenwerking tussen gemeenten en provincies en/of stadsregios te onderzoeken. Dit zijn de zogenaamde werkplaatsen. In de werkplaatsen wordt geëxperimenteerd met praktische oplossingen voor knelpunten in de stroomlijning. Doel is om zo de kwaliteit en effectiviteit van de zorg aan jongeren en gezinnen te vergroten. In totaal zijn er 13 voorstellen ingediend, waarvan er 11 daadwerkelijk zijn gestart.

Onderzoek naar de werkplaatsen
Om de effectiviteit van de werkplaatsen in kaart te brengen heeft onderzoeks- en adviesbureau Oberon in opdracht van de G27 onderzoek uitgevoerd naar de werkplaatsen. Er is gekeken naar welke werkplaatsen succesvol waren en wat de knelpunten waren. Het onderzoek leverde een algemeen beeld op van alle werkplaatsen samen. Het programmaministerie voor Jeugd en Gezin heeft Oberon vervolgens gevraagd om aanvullend onderzoek uit te voeren. Dit onderzoek is meer de diepte in gegaan door ook per werkplaats een kort beeld te geven van de gekozen aanpakken, oplossingen, successen en knelpunten. De resultaten hiervan zijn te lezen in de onderzoeksrapportage

.

Meer informatie
Meer informatie over de aanpak 1 gezin, 1 plan en zorgcoördinatie in de regio Zuid-Holland Noord kunt u opvragen bij Gerda Visser: g.h.visser@leiden.nl.

Downloads
Onderzoek Oberon naar de werkplaatsen (pdf)
Handleiding gezinsplan Zuid-Holland Noord (pdf)

Bron: Samenwerkenvoordejeugd 

 

buitenland

Eindelijk een mooie, activerende site voor werkgevers. Stuur een e-card of bekijk de 'Field Guide'! Thinkbeyondthelabel