CrossOvernieuws
'Minder bureaucratie in passend onderwijs'
Ouders moeten niet meer van het kastje naar de muur gestuurd worden als het op passend onderwijs voor hun kinderen aankomt. De bureaucratie moet een stuk minder, vindt minister Marja van Bijsterveldt van Onderwijs.
Zij schrijft dat maandag in een brief aan de Tweede Kamer. De geplande bezuinigingsmaatregelen van 300 miljoen euro gaan nog wel door. Doordat scholen een zorgplicht krijgen, moeten ze enerzijds rekening houden met de zorgbehoefte van het kind en de voorkeur van de ouders en anderzijds kijken naar de eigen mogelijkheden.
Extra aandacht
Passend onderwijs is voor leerlingen die extra aandacht nodig hebben, bijvoorbeeld omdat ze dyslectisch zijn.De minister wil dat scholen in het primair en voortgezet onderwijs regionaal samenwerken. Als de ene school geen passend onderwijs kan bieden, kan gekeken worden naar een andere instelling in de regio.
Toonzetting
Vakbond CNV Onderwijs is verbaasd over de toonzetting van de brief. "De minister toont deze dramatische bezuinigingen alsof het investeringen zijn", aldus voorzitter Michel Rog."Er is geen enkel draagvlak voor deze bezuinigingen; het onderwijs trekt dit niet." Volgens Rog worden zowel reguliere leerlingen en leerlingen die extra aandacht nodig hebben, negatief geraakt door de maatregelen."Er is minder tijd voor leerlingen die passend onderwijs nodig hebben. En doordat deze groep toch extra aandacht nodig heeft, blijft er minder tijd over voor de reguliere leerlingen."
Landelijke manifestatie
Op 9 februari is er een landelijke manifestatie in Nieuwegein tegen de voorgenomen bezuinigingen. Bij de acties zijn werkgevers, werknemers, vakbonden en ouder- en onderwijsorganisaties betrokken. Een petitie op internet tegen de maatregelen is inmiddels door ruim 23.000 mensen ondertekend.
Samenwerken
De minister wil dat scholen in het primair en voortgezet onderwijs regionaal samenwerken. Als de ene school geen passend onderwijs kan bieden, kan gekeken worden naar een andere instelling in de regio.
Schoolverlaters
Een groot deel van de mensen die voortijdig stopten met school, zit een aantal jaren later toch weer in de schoolbanken of heeft een startkwalificatie gehaald,bijvoorbeeld een havo- of vwo-diploma, waardoor geschoold werk mogelijk is.Dat blijkt uit maandag gepubliceerde cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
In het afgelopen schooljaar volgde zo’n 30 procent van de schoolverlaters uit het jaar 2004-2005 (in totaal 4,5 procent) opnieuw een opleiding. Aan het einde van het schooljaar was 15 procent alsnog voldoende gediplomeerd.
Vrouwen
Vrouwen maken vaker hun opleiding af dan mannen, 31 procent tegenover 27 procent. Van de Surinaamse vrouwen die in 2004-2005 het onderwijs voortijdig verlieten, had 18 procent alsnog een startkwalificatie aan het begin van schooljaar 2009-2010. Dat is net iets meer dan bij de autochtone vrouwen en beduidend meer dan bij Surinaamse mannen.Overigens is over het algemeen het aandeel voortijdig schoolverlaters dat terugkeert in het onderwijs en alsnog een startkwalificatie haalt, het hoogst onder autochtonen.
Bron: Nu.nl

